ZOEK     A  |   B  |   C  |   D  |   E  |   F  |   G  |   H  |   IJ  |   K  |   L  |   M  |   N  |   O  |   PQ  |   R  |   S  |   T  |   UVW  |   XYZ 

 
   

 

Maak een print van deze pagina
Deze informatie is afkomstig van HartWijzer.nl, een website samengesteld door de Nederlandse Vereniging voor Cardiologie (NVVC). Van de onderstreepte onderwerpen is op HartWijzer.nl een afzonderlijke tekst te vinden.

OVERGEWICHT

Dokters weten al lang dat mensen met een hartziekte vaak overgewicht hebben, veel vaker dan gezonde mensen. Hoe komt dat? Overgewicht kan andere risicofactoren versterken. Mensen met overgewicht hebben bijvoorbeeld een verhoogd risico op hoge bloeddruk en een te hoog LDL-cholesterol. Ten tweede is overgewicht een risicofactor op zichzelf. In de laatste jaren is duidelijk geworden dat niet alle vetcellen passieve opslagloodsen van vet zijn, maar dat sommige vetcellen een actieve rol hebben en tot diabetes kunnen leiden. Die gevaarlijke vetcellen zitten vooral rond het middel.
    Als je last hebt van overgewicht kun je je troosten met de gedachte dat je niet de enige bent. Overgewicht heeft in de westerse wereld de vorm van een epidemie aangenomen.

Overgewicht

 

Overgewicht is niet uniek voor de menselijke soort. Bij wilde dieren is het zeldzaam, maar bij huisdieren niet. In hun beschermde omgeving delen huisdieren niet alleen de geneugten en het comfort.

Overgewicht = te weinig bewegen + ongezond eten

In de loop der eeuwen heeft het menselijk lichaam zich ingesteld op intensieve beweging en weinig voedsel. De zwoegende en hongerende generaties voor ons hadden geluk als ze een tijdje wat meer konden eten en wat minder bewegen, want dan konden ze energie voor mindere tijden opslaan in de vorm van onderhuids vet. Moderne generaties hebben hetzelfde lichaam maar andere problemen. Het lichaam slaat vet op, maar er komen geen mindere tijden. Er ontstaat blijvend overgewicht.

Normaal gewicht en overgewicht

Wat is een normaal gewicht en wat is overgewicht? Die vraag is niet zo makkelijk te beantwoorden. Er is een grijs gebied van een paar kilo te veel waar het risico op een hartziekte eigenlijk niet of nauwelijks groter is. Daarbij is de plaats van het onderhuidse vet van belang. Het risico stijgt vooral bij een fors overgewicht en veel buikvet. Dat laatste is belangrijk want vooral de vetcellen op de buik en rond het middel kunnen diabetes veroorzaken. Deze vetcellen gedragen zich niet als een normale vetcel. Ze nemen veel vet op en worden abnormaal groot, waarna ze ontstekingsstoffen en hormonen gaan produceren die bijdragen aan het ontstaan van diabetes.

Appels en peren

Vrouwen lijden vaker aan overgewicht dan mannen. Toch hebben mannen meer kans op een hartziekte dan vrouwen, althans als de vrouwen jonger zijn dan 65. Man-zijn is dus een risicofactor. Dat komt doordat het vet bij mannen op de buik gaat zitten en bij vrouwen op de heupen. Mannen met overgewicht krijgen de vorm van een appel, vrouwen de vorm van een peer. En over het algemeen geldt: hoe minder buikvet, hoe kleiner de kans op een hartziekte.

Centimeter en weegschaal

Om te bepalen of je een vergroot risico op een hartziekte hebt, kun je het beste je buikomtrek meten, bij voorkeur door iemand anders met een centimeter je blote buik te laten meten. Mannen hebben overgewicht bij een buikomtrek van 102 cm of meer, vrouwen bij een buikomtrek van 88 cm of meer.
    Een andere maat om overgewicht vast te stellen, is de Body Mass Index (bmi), ook wel Quetelet Index (QI) genoemd. De bmi relateert lichaamsgewicht aan de lengte van het lichaam. Overgewicht is niet uniek voor de menselijke soort. Bij wilde dieren is het zeldzaam, maar bij huisdieren niet. In hun beschermde omgeving delen huisdieren niet alleen de geneugten en het comfort. Een gewicht dat bij een basketballer normaal is, zou dat niet zijn bij een jockey. Om overgewicht te bepalen moet je dus het lichaamsgewicht zien in relatie tot de lichaamslengte. De bmi is het lichaamsgewicht (in kg, bijv. 75 kg) gedeeld door de lichaamslengte (in meters, bijv. 1.75) in het kwadraat. De formule zou in dit geval zijn 75 gedeeld door 1.75 maal 1.75, ofwel 75 / 1.752 = 24.48. Geen rekensommetje dat je zomaar even uit het hoofd doet, maar niet moeilijk met een rekenmachientje. De uitkomst moet je afronden op een decimaal.
    De benedengrens voor een gezonde bmi is 18.5, de bovengrens 25. De persoon uit het voorbeeld met een bmi van 24.5 zit dus net onder de bovengrens van een gezond gewicht. Is de bmi hoger dan 30 dan heb je ernstig overgewicht.
    Een belangrijk nadeel is dat de bmi-meting geen rekening houdt met het buikvet. Daarom verdient het meten van de buikomtrek de voorkeur.

 

Verder lezen?

De belangrijkste onderwerpen van Hartwijzer staan rechts op een rijtje.
Zoek gedetailleerd op onderwerp via het alfabet bovenaan de pagina.

 

 

Hartwijzer: het boek
  HartWijzer: het boek

  ALLE ONDERWERPEN



  HET HART

 RISICOFACTOREN

  SYMPTOMEN

  ONDERZOEKEN

  BEELDVORMENDE
TECHNIEKEN


  BEHANDELINGEN

  ZIEKTEBEELDEN

  CARDIOLOGIE

Colofon